Beleid
Bekijk situatie uit het bronvoorbeeld · bronklasse Beheerst
Het onderwerp Beleid van de organisatie wordt weergegeven in de (Beleids-) RI&E.
Gratis digitale startplaats voor horecaondernemers
Beoordeel 102 risico-onderwerpen uit het voorbeeldrapport opnieuw voor je eigen locatie en werk risico’s uit in een plan van aanpak.
De voorbeeldsituaties en bronklassen komen uit een eerder ingevuld rapport en zijn uitsluitend referentie. Iedere werkgever moet een eigen schriftelijke RI&E en plan van aanpak hebben; laat waar vereist de RI&E toetsen en actualiseer deze wanneer de arbeidsomstandigheden wijzigen.
Digitaal bronformulier
Werk de 102 risico-onderwerpen uit het voorbeeldrapport uit tot een eigen inventarisatie en plan van aanpak.
Gebruik de voorbeelden alleen als referentie. De bronsituaties en risicoklassen zijn afkomstig uit een ingevuld voorbeeldrapport. Beoordeel ieder onderwerp opnieuw voor de eigen locatie.
Het onderwerp Beleid van de organisatie wordt weergegeven in de (Beleids-) RI&E.
Door de leidinggevenden wordt toezicht gehouden op het naleven van beleid en de werkinstructies. Toezicht is aantoonbaar door het periodiek uitvoeren van werkplekinspecties op de werklocaties. Constateringen worden direct besproken met de medewerkers. Vastlegging in een register waardoor een trend kan worden geconstateerd. Hierop worden preventieve maatregelen getrokken.
Onbevoegden kunnen niet ongemerkt het terrein en restaurant betreden en zonder begeleiding rondlopen daar er een gesloten toegangssysteem aanwezig. Externe personen worden mondeling geïnformeerd betreffende risico’s en noodscenario’s. Externe wordt begeleid. Door de grootte van de organisatie en de interne risico’s is dit afdoende.
Er wordt geen camerabewaking toegepast. Personen worden daarom niet geïnformeerd betreffende de mogelijkheid tot filmen.
Het beleid is gericht om risico’s weg te nemen van de werkvloer. Dit is in niet alle gevallen mogelijk. Arbeidshygiënische strategie wordt correct gehanteerd. In gevallen dient de werknemer terug te vallen op Persoonlijke Beschermings Middelen. Persoonlijke beschermingsmiddelen (conform hoofdstuk PBM uit deze RI&E) zijn in voldoende mate aanwezig en vrij toegankelijk.
De werknemers gaven tijdens de rondgang aan dat zij invloed kunnen uitoefenen op de werkmethode, werktempo en de volgorde waarin werkzaamheden worden uitgevoerd. Eigen initiatief is mogelijk, echter wel in overleg en binnen de afgesproken werkwijzen en veiligheidsvoorschriften. Werknemers kunnen alledaagse problemen in het werk oplossen of terecht bij direct leidinggevenden met hun problemen.
Helemaal alleen werken komt vrijwel niet voor. Op eigen locatie is dit niet aan de orde. Er zijn geen klachten bekend betreffende dit onderwerp.
Werkzaamheden waarbij alleen wordt nagedacht of waarbij alleen routineklusjes gedaan moeten worden komen niet voor. Medewerkers geven aan op level te zitten (dus niet onder of boven belasting). Mogelijkheden tot scholing zijn onderdeel van de jaarlijkse gesprekken. Hierdoor wordt onderbelasting voorkomen.
Er wordt veel rondgelopen door leidinggevenden op eigen locatie en men houdt oren en ogen open. Indien hier aanleiding voor is, worden medewerkers uit eigen initiatief naar kantoor geroepen om in gesprek te gaan. Er zijn geen recente voorbeelden van een te grote mentale of emotionele belasting beschikbaar. Het is onbekend of een vertrouwenspersoon kan worden geraadpleegd.
Er kan sprake zijn van enige werkdruk, bijvoorbeeld wanneer er heel veel gasten zijn of onderbezetting is. Medewerkers hebben voldoende mogelijkheden om tussendoor problemen m.b.t. werkdruk/-stress aan te kaarten. Het is onbekend of een vertrouwenspersoon kan worden geraadpleegd. De drukte is in veel gevallen voorzien waardoor de organisatie extra personeel kan inhuren. Momenteel zijn er geen klachten bekend aangaande werkdruk en stress.
De risico’s van PSA zijn bekend bij de organisatie. Het beleid is bekend bij de medewerkers. Inhoudelijk zijn ze op de hoogte van de betreffende beleidsstukken. Medewerkers geven aan wat te doen bij (mogelijke) klachten. Dit is in lijn met de beleidsregels. Er zijn nog geen meldingen bekend welke gemoeid zijn met PSA.
Een BHV-plan is aanwezig. Het BHV-plan voldoet niet aan de NEN 8112. Zo missen er ontruimingsplattegronden in het plan, er is geen verzamelplaats aangegeven en zijn de rollen van de BHV en de Coördinator BHV niet in lijn. AED is niet meegenomen, etc. Er is geen rekening gehouden met diverse maatgevende factoren zoals brandbelasting gebouw.
Er zijn op dit moment 2 BHV’ers aanwezig op locatie. In totaal zijn er 4 BHV’ers. Gezien de maatgevende factoren (o.a. bereikbaarheid hulpdiensten, complexiteit pand, grootte pand, risico’s werkzaamheden, hoeveelheid mensen) zijn er voldoende BHV’ers aanwezig om effectief op te kunnen treden in geval van nood. Een minimale bezitting van BHV moet zijn: 2 Er wordt rekening gehouden met de planning dat de minimale hoeveelheid BHV’ers aanwezig is. De verloopdatums van BHV wordt bijgehouden.
Er wordt geen bedrijfsnoodoefening uitgevoerd. Gezien de complexiteit en de brandbelasting van het pand is dit naast een wettelijke, ook een noodzakelijke eis.
Binnen de organisatie zijn diverse brandblusmiddelen aanwezig. Dit in de vorm van mobiele blussers. Blusdeken is aanwezig in de keuken. Via steekproef is een check gedaan op keuringsvervaldatum en de verzegeling. Deze zijn conform eis. Alle middelen zijn opgenomen in een overzicht en worden gekeurd door externe erkende organisatie. Daar waar het zicht op het blusmiddel verminderd is, zijn pictogrammen geplaatst. Zichtbaarheid van alle middelen is hiermee geborgd.
Verbanddozen zijn strategisch opgesteld in de organisatie. De verbanddozen zijn passend voor de soort activiteiten/risico’s. Via en steekproef is een check gedaan op de vervaldatum van de producten met een t.h.t. datum + een controle op volledigheid. Deze zijn conform eis. Alle middelen zijn opgenomen in een overzicht en worden gekeurd door externe erkende organisatie. Daar waar het zicht op de verbanddoos verminderd is, zijn pictogrammen geplaatst. Zichtbaarheid van alle middelen is hiermee geborgd. Een pleisterdispenser is aanwezig nabij de keuken. Deze dispenser is leeg. Hierbij een indicator dat het gebruikt wordt.
Door de aard van de werkzaamheden zijn oogspoelflessen noodzakelijk. Er zijn geen oogdouches aanwezig op locaties waar dit wel noodzakelijk is.
Mobiele nummers van BHV’ers zijn bekend. De contactgegevens van de BHV’ers worden bij het indiensttredings-/instructieproces overgedragen.
Een brandmeldinstallatie (BMI) is niet aanwezig.
Er zijn voldoende vluchtwegen en nooduitgangen aanwezig. Aanduidingen van (nood)uitgangen zijn aanwezig. Het betreft een overzichtelijk pand. Vluchtwegen leiden naar buiten via de kortste route. Nooduitgangen zijn vrij te openen binnen 1 seconde en 1 handeling naar buiten. Een BMI is aanwezig en hierdoor is de verplichting van noodplattegronden aanwezig. Deze hangen op strategische plaatsen in de organisatie. Er zijn diverse noodplattegronden verspreid in het pand aangetroffen welke de werkelijkheid niet weergaven, verkeerd hingen en/of niet voldeden aan de NEN 1414.
Noodverlichting is aanwezig en wordt jaarlijks gekeurd. Op het moment van rondgang bleek een aantal oranje indicatoren van noodverlichting te branden. Het is onduidelijk wat dit betekent.
Er is geen verzamelplaats toegewezen in het BHV-noodplan.
Binnen werktijden kunnen hulpdiensten via de brandweeringang het pand betreden. De BHV is in het bezit van de BHV-sleutelbos. Hierdoor is het mogelijk alle ruimtes van het pand te betreden. Er is een brandweerkluis aanwezig nabij de brandweeringang. Het is onduidelijk of deze brandweerkluis bekend is bij de brandweer, in gebruik is bij de brandweer en/of de juiste inhoud heeft.
Er zijn voldoende toiletten aanwezig voor de samenstelling van de organisatie. Deze worden periodiek schoongemaakt.
NVT
Kantine is ingericht voor de medewerkers. Medewerkers worden gescheiden van hinderlijke tabaksrook.
Tijdens de rondgang is gebleken dat het kantoor en werkruimtes binnen de organisatie ordelijk en net zijn. Werkplekken zijn overzichtelijk, gangpaden vrij en (nood-) uitgangen vrij toegankelijk zijn. Struikelgevaar is tot een minimum beperkt. Kabelmanagement is op orde. Op kantoor zijn kabels en snoeren zo veel mogelijk weggewerkt waardoor dit (ook onder bureaus) geen struikelgevaar oplevert.
Afvalstromen worden voor zo ver mogelijk gescheiden en gescheiden opgeslagen. Opslag is conform voorschriften. Afval wordt afgevoerd naar/door erkende verwerkers. Afvalstroombonnen zijn aanwezig en inzichtelijk. Tijdens de rondgang is geen zwerfafval aangetroffen.
Er zijn werkzaamheden waarbij hinderlijk geluid kan plaatsvinden. Echter dit is van korte duur. In de werkplaats kunnen werkzaamheden worden uitgevoerd waarbij schadelijk geluid aanwezig is. Dit is een afgeschermde ruimte. PBM zijn niet aanwezig en medewerkers hebben geen PBM (gehoorbescherming). Onderwerp besproken in hoofdstuk PBM
Binnen de organisatie is een minimale hoeveelheid gevaarlijke stoffen aanwezig. Dit is o.a. brand-olie voor de warmhoudplaten, een klein aantal spuitbussen en een hoeveelheid aan schoonmaakartikelen. Dit zijn geen CMR stoffen.
Er is geen gevaarlijke stoffenregistratie aanwezig. Alle stoffen met een rood-wit gevarensymbool dienen hierop te zijn vermeld.
Stoffen zonder etiket of met slecht leesbaar etiket zijn niet aangetroffen tijdens de rondgang Stoffen zitten in hun originele verpakkingen. Etiketten geven door middel van pictogrammen en tekst de gevaren en risico’s weer.
Er zijn geen Veiligheidsinformatiebladen (VIB/MSDS) aanwezig van de gevaarlijke stoffen.
Door de kleine hoeveelheid aan gevaarlijke stoffen, hoeven deze niet te voldoen aan speciale opslageisen.
Er zijn geen werkzaamheden die gevaarlijk stof kunnen veroorzaken.
Er zijn geen activiteiten in of nabij een explosieve atmosfeer.
Biologisch agentia Blootstelling aan bacteriën, virussen, parasieten, gisten en schimmels kan ziekten veroorzaken. infecties; vergiftigingsverschijnselen; allergieën.
Blootstelling kan plaatsvinden op een drietal manieren: via de huid (bijv. contact met planten); via de luchtwegen (bij stofvorming of verneveling van verontreinigd water); opname via de mond (slechte hygiëne)
Virusuitbraak Ten tijde van een virusuitbraak dienen er maatregelen genomen te worden om te voorkomen dat men besmet raakt met het virus. Het RIVM heeft daarvoor richtlijnen opgesteld.
Asbest In veel gebouwen komen nog asbesthoudende producten voor (bijv. vloerbedekking, riolering, pakkingen of dakplaten). Zolang asbesthoudende materialen niet beschadigd zijn en ze niet bewerkt worden (zagen, boren etc.) veroorzaken ze geen risico’s. Het inademen van asbestvezels kan gevaarlijke ziektes veroorzaken, zoals stoflongen, longkanker en buikvlieskanker. Het feit dat de gezondheidseffecten zich pas na langere tijd (10 tot 30 jaar) openbaren, maakt asbest tot een verraderlijke stof.
Water Stilstaand water is een goed milieu voor het ontstaan van allerlei bacteriën, zoals legionella. Spoel stilstaande leidingen daarom regelmatig door, stel de boiler in op minimaal 60 °C en laat koelsystemen regelmatig schoonmaken.
Dieselmotoremissie (DME) DME bevat gassen en vaste deeltjes (roet). De vaste (ultra)fijnstofdeeltjes bevatten onder andere polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's), die kankerverwekkend zijn. Verwijdering, het gebruik van filters, afzuiging of interne regels zorgt voor een verlaging van DME. Risico-Inventarisatie & - Evaluatie
Geldende milieuregels zijn bekend middels de omgevingswet en worden toegepast.
Tillen en dragen hoort niet bij de standaard werkzaamheden van de organisatie. Wel is het mogelijk dat leveringen worden gedaan, echter verpakkingen zijn hierop aangepast. Dit werk is incidenteel.
Duwen en trekken hoort niet bij de standaard werkzaamheden van de organisatie.
Fysieke belasting komt bij deze werkzaamheden minimaal voor.
Repeterende bewegingen kunnen sporadisch voorkomen (bijvoorbeeld tijdens werkzaamheden aan/met machines, maar dit is vrijwel altijd van korte duur. Medewerkers hebben voldoende mogelijkheden om hun werkzaamheden af te wisselen en om pauze- en rustmomenten in te lassen. Er zijn tot op heden nog geen klachten bekend als gevolg van repeterende bewegingen.
Ongunstige en ongezonde lichaamshoudingen komen met enige regelmaat voor, zoals draaien, rekken, op hurken zitten en op de knieën zitten. Dit zijn veelal kortstondige werkzaamheden en er is veel afwisseling. Er zijn tot op heden nog geen klachten bekend als gevolg van ongunstige/ongezonde lichaamshoudingen. Instructie wordt periodiek gegeven. Toezicht vindt plaats tijdens rondgangen en werkplekinspecties.
Statische lichaamshoudingen kunnen voorkomen bij uitvoerend medewerkers, echter is de blootstelling beperkt. Medewerkers hebben voldoende mogelijkheden om af te wisselen of om even pauze te nemen. Er zijn tot op heden nog geen klachten bekend als gevolg van statische lichaamshoudingen.
Staand werk komt bij uitvoerend medewerkers dagelijks voor, al is er veelal wel sprake van afwisseling. Er zijn tot op heden nog geen klachten bekend als gevolg van (langdurig) staand werk.
Zittend werk komt met name voor op kantoor. Medewerkers hebben voldoende mogelijkheden om hun werkzaamheden af te wisselen en om pauze- en rustmomenten in te lassen. Er zijn tot op heden nog geen klachten bekend als gevolg van zittend werk.
Er zijn in de bediening veel werkzaamheden waar veel gelopen dient te worden. Behalve tijdens het servies zijn er voldoende mogelijkheden voor pauzes en zitmomenten.
Hand- en armtrillingen kunnen voorkomen bij gebruik van arbeidsmiddelen zoals een haakse slijper. De blootstelling is echter dusdanig beperkt en de werkzaamheden zijn dusdanig afwisselend, dat dit geen reëel risico vormt.
De werknemers worden niet blootgesteld aan lichaamstrillingen.
Er is voldoende verlichting om de werkzaamheden veilig uit te kunnen voeren. In de keuken is voldoende daglichttoetreding. In het restaurant is voldoende licht door middel van een raampartij aan de voorzijde. In beide gevallen is aanvullend kunstmatig licht mogelijk. Het verlichtingsniveau is hiermee voldoende.
In het restaurant is een verwarmingsinstallatie aanwezig, welke periodiek worden onderhouden. Voor de overige ruimtes is dit eveneens het geval. Men heeft tevens de mogelijkheid om ramen en/of deuren te openen. Aangegeven wordt dat met kleding voldoende kan worden afgewisseld. Er zijn tot op heden geen klachten bekend/ geuit m.b.t. slechte klimaatcondities.
Werken in te hoge en te lage temperaturen komt niet voor.
Men heeft de mogelijkheid tot het openen van ramen en deuren. In de werkplaats is een luchtafzuigsysteem aanwezig en ook daar kunnen deuren geopend worden. Er zijn tot op heden geen klachten geuit/bekend m.b.t. slechte luchtkwaliteit.
Er is geen reden om aan te nemen dat de luchtvochtigheid dusdanig is dan de gezondheid van medewerkers hierdoor negatief wordt beïnvloed. Er zijn tot op heden geen klachten bekend/ geuit m.b.t. een te hoge of te lage luchtvochtigheid.
Tocht wordt waar mogelijk voorkomen. Men is bekend met de negatieve gevolgen van tocht.
Tijdens de rondgang, door de organisatie en projectlocatie zijn geen formele geluidsmetingen verricht. Uit de observatie en indicatief onderzoek blijkt dat men wel wordt blootgesteld aan hinderlijk of schadelijk geluid (hoger dan 55 of 80 dB(A)). Dit in de eigen werkplaats. Ten tijde van de rondgang waren geen werkzaamheden. Op kantoor is sprake van geluid, maar uit observatie en indicatief onderzoek blijkt niet dat hinderlijk geluid continu aanwezig is. Een gehooronderzoek is een onderdeel van het PAGO advies gegeven in deze RI&E.
Er zijn geen bronnen van ioniserende straling in de organisatie.
Er zijn geen bronnen van niet-ioniserende straling in de organisatie.
Er zijn geen separate beeldschermen in gebruik.
Een aantal medewerkers op kantoor hebben een beeldschermbaan. Dit betekent dat hun primaire werk bestaat uit beeldschermwerk. Medewerkers kunnen de taken wel afwisselen met andere activiteiten zoals printen, archiveren, pauzes, etc. Medewerkers zijn bekend met de risico’s en wisselen werk af.
De bedrijfsleider maakt gebruik van een laptop. Deze werkzaamheden zijn verspreid over de dag. Wanneer de beeldschermwerkzaamheden uitbreiden tot >2 uur per dag aaneengesloten, kan dit voor mogelijke problemen zorgen. Alle medewerkers hebben een smartphone. Deze worden niet gebruikt ter ondersteuning van de werkzaamheden.
Tafels zijn voldoende ruim opgezet en voldoen aan de stand der techniek. Toegankelijkheid is voldoende. Tafels zijn niet in hoogte verstelbaar. Tafels zijn voldoende diep voor de beeldschermopstelling. Hulpmiddelen worden indien nodig/gewenst gratis ter beschikking gesteld.
Stoelen voldoen aan de stand der techniek. De stoelen zijn niet in hoogte en diepte verstelbaar, armleuningen zijn aanwezig maar niet instelbaar.
Medewerkers geven aan dat het aanvragen van hulpmiddelen mogelijk is. Her en der worden hulpmiddelen gebruikt zoals beschermingsmiddelen, klompen, keukenkleding, etc.
In alle ruimtes is voldoende daglichttoetreding. De keuken is voorzien van werkende zonwering.
Werkdruk kan ontstaan als er veel gasten in het restaurant zitten te eten. Dit wordt door medewerkers niet direct als probleem gezien. De werkdruk is niet structureel. Er zijn geen klachten bekend/geuit.
Er worden uitsluitend middelen aangeschaft die voorzien zijn van CE-markering. Dit is onderdeel van de inkoopeisen. De machines worden jaarlijks gekeurd en onderhouden. Instructies hoe te werken met machines en gereedschappen wordt gegeven tijdens het inwerkproces.
Arbeidsmiddelen worden aantoonbaar periodiek gekeurd en onderhoud vindt periodiek plaats. Controle is uitgevoerd door middel van een steekproef. Keuringen worden uitgevoerd door een gediplomeerde keurmeesters. Bewijzen van keuringen zijn aanwezig.
Er zijn geen arbeidsmiddelen in gebruik waar een specifiek diploma of attest voor nodig is. Medewerkers krijgen middels de functie specifieke bevoegdheden. Van de risicovolle arbeidsmiddelen wordt geen aantoonbare instructie gegeven.
De controle op de aanwezigheid van beveiligingen, veiligheidsvoorzieningen en noodstopvoorzieningen vindt plaats tijdens de jaarlijkse keuring en het onderhoud van arbeidsmiddelen en machines. Alle middelen voldoen aan de veiligheidseisen zoals plaatsing, afscherming draaiende delen, bescherming. Er zijn geen beveiligingen omzeild.
Op dit moment is er geen beleid vastgelegd om overgedragen betreffende omgangsvormen met gasten en hoe op te gaan met escalaties.
Er is geen beleid hoe om te gaan met overvallen. De werkgever weet wat te doen, echter dit is niet vastgelegd en overgedragen aan de medewerkers.
Er wordt zo veel mogelijk gemotiveerd om met pin/contactloos te betalen. Hierdoor is zo min mogelijk geld in de organisatie. Afgesproken is wanneer de kassa wordt afgeroomd. Er wordt alleen een kas opgemaakt als de organisatie is gesloten.
Er zijn diverse (elektrische) machines. Echter er wordt gesneden ingekocht zodat geen snijmachines meer noodzakelijk zijn. Er is geen frituurpan aanwezig. Messen zijn veilig opgeborgen indien ze niet in gebruik zijn.
Er is een koolzuurflessen aanwezig voor de (bier-) tap. De aanwezige koolzuurfles voor de tap is kleiner dan 3 liter waardoor er geen aanvullende eisen zijn voor koeling of metingen. Er is geen koolzuurinstructie aanwezig.
Er is een HACCP handboek aanwezig. Een labelproces is ingeregeld. Een reinigingsproces is ingeregeld. Vrijwilligers krijgen periodiek een workshop.
Binnen de keuken worden gesloten schoenen gedragen. Keukenkleding met lange mouwen wordt gedragen wanner wordt gekookt. Haarnetjes worden gebruikt. Schone schorten, handschoenen en handdoeken zijn aanwezig en worden gebruikt. Voedselveilige handschoenen worden gebruikt.
Er zijn geen koel- en vriesinstallaties aanwezig.
Een terras is aanwezig. Deze is kleinschalig en direct tegen het pand aan.
Er zijn geen tuinen aanwezig. .
Er worden laad- en losactiviteiten uitgevoerd ten behoeve van de voorraad. Dit gebeurt door de leverancier. Wanneer middelen zijn gelost, zijn ze overgedragen aan het personeel. Personeel voert hierbij tilactiviteiten uit. De hoeveelheid vormt geen direct risico voor het personeel.
Er wordt gebruik gemaakt van gesloten afvalbakken.
Ongedierte is niet zichtbaar aanwezig. Er wordt een gesloten toegangssysteem gebruikt. Er worden geen ongediertebestrijdingsmiddelen gebruikt.
Er wordt niet alleen gewerkt.
Slijpwerkzaamheden (van messen) vindt door uitvoerend medewerkers plaats. Alle middelen worden jaarlijks gekeurd. Slijpschijven worden gecontroleerd op datum en vervangen indien nodig. Tijdens rondgang zijn geen slijpschijven geconstateerd waarvan de datum was verlopen.
Werken op ladders en trappen komt zelden voor, alleen wanneer er geen andere veiligere middelen kunnen worden ingezet. Het klimmaterieel wordt conform eisen jaarlijks gekeurd. De organisatie en de medewerkers zijn op de hoogte dat dit klimmateriaal uitsluitend bij uitzonderingen kan worden gebruikt als werkplek. Dit zo kort mogelijk.
Er worden geen werkzaamheden in besloten ruimtes uitgevoerd.
Het pand bestaat uit een bereidingskeuken, een spoelkeuken, een restaurant met een bar en toiletten. Alle ruimtes bevinden zich op de begane grond waardoor de indeling geen risico’s oplevert.
Op de locatie zijn snoeren en kabels zoveel mogelijk weggewerkt, stopcontacten verkeren in goede staat. De organisatie heeft geen aantoonbaarheid van een SCIOS Scope 10 inspectie/certificaat voor de elektrische installatie.
De organisatie heeft geen zonnepanelen op het dak geïnstalleerd.
Er zijn geen laadpalen in gebruik.
Er zijn geen vides aanwezig.
Er is geen sprake van nieuwbouw, verbouw of herinrichting.
PBM zijn niet aanwezig en medewerkers hebben geen PBM (gehoorbescherming).
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Het onderwerp Werk- en rusttijden wordt weergegeven in de (Beleids-) RI&E.
STARTEN IN DE HORECA
| Onderdeel | Beoordeling of invoer | Actie |
|---|---|---|
| Beleid · Beleid | — · | |
| Arbozorg · Toezicht De werkgever (en andere leidinggevenden) moeten toezien op de naleving van wetgeving, instructies en regels. | — · | |
| Arbozorg · Bezoekers & derden De werkgever is ook verantwoordelijk voor de veiligheid en gezondheid van derden/bezoekers die op zijn terrein aanwezig zijn. Laat vreemden daarom nooit zonder begeleiding in uw organisatie komen en informeer ze betreffende de risico’s en regels. | — · | |
| Arbozorg · Camerabewaking Camerabewaking is mogelijk en toegestaan in het pand. De reden van deze bewaking moet dan wel zijn gebaseerd op veiligheid. Tevens dienen de personen die mogelijk worden gefilmd worden geïnformeerd over deze mogelijkheid | — · | |
| Arbozorg · Arbeidshygiënische strategie Indien medewerkers in aanraking kunnen komen met risico’s dient de arbeidshygiënische strategie te worden gehanteerd. Bronbestrijding Collectieve maatregel Individuele maatregel Persoonlijke beschermingsmiddelen | — · | |
| Psychosociale arbeidsbelasting · Autonomie, organiserende taken en Regelmogelijkheden Werknemers hebben behoefte aan regelmogelijkheden in hun werk. Het is daarom belangrijk dat zij zelf invloed kunnen uitoefenen op het werktempo, de werkmethode en de werkvolgorde. | — · | |
| Psychosociale arbeidsbelasting · Contactmogelijkheden en sociale relaties Veel werknemers hebben behoefte aan sociale en functionele contacten tijdens het werk. Dit bevordert niet alleen het welzijn van de werknemer, maar ook het goed uitvoeren van de verschillende taken. | — · | |
| Psychosociale arbeidsbelasting · Geestelijke belasting Werk dat vooral uit denkwerk bestaat, kan leiden tot geestelijke overbelasting. Werk waarbij helemaal niet nagedacht hoeft te worden kan juist leiden tot geestelijke onderbelasting. | — · | |
| Psychosociale arbeidsbelasting · Mentale/Emotionele belasting Agressie, geweld, discriminatie en (seksuele) intimidatie zijn vormen van emotionele belasting. Daarnaast kunnen situaties in het werk aanleiding geven tot een emotionele belasting (Bijv. geruchten over een slechte financiële situatie). Ook kunnen gebeurtenissen zorgdragen voor een verhoogde emotionele belasting. | — · | |
| Psychosociale arbeidsbelasting · Werkdruk & -stress Stress komt op iedere werkplek voor. Indien stresssituaties incidenteel voorkomen, vormt dit vaak geen probleem en kunnen zij werknemers juist stimuleren tot betere resultaten in hun werk. Als stress echter langdurig bestaat kan dit leiden tot overspanning en oververmoeidheid. Stress is een van de belangrijkste oorzaken van arbeidsongeschiktheid. 1 op de 3 medewerkers heeft last van werkdruk. Zowel te veel als te weinig werkdruk kan leden tot psychische en fysieke gezondheidsklachten. | — · | |
| Psychosociale arbeidsbelasting · PSA – Implementatie & uitvoering Naast het minimaliseren van de PSA is het noodzakelijk de risico’s en de maatregelen onder de aandacht te brengen van de medewerkers. Bij indiensttreding en periodiek (zo vaak als nodig). Aanvullend dient op de werkvloer te worden gecontroleerd of het beleid wordt aangehouden. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · BHV organisatie In de Arbowet is opgenomen dat bedrijven verplicht zijn om maatregelen te treffen op het gebied van bedrijfshulpverlening. Een bedrijfsnoodplan is een draaiboek waarin systematisch staat aangegeven wat de organisatie moet doen als een calamiteit zich voordoet. Een goed voorbereide hulpverlening draagt bij aan het zoveel mogelijk beperken van de gevolgen ervan voor mensen. Met een bedrijfsnoodplan is de veiligheid van de locatie en de omgeving verzekerd. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Bedrijfshulpverleners (BHV'ers) Er moeten altijd voldoende bedrijfshulpverleners aanwezig zijn. Belangrijk is dat ook rekening gehouden wordt met afwezigheid, ziektes en het werken op locaties bij het vaststellen van het aantal bedrijfshulpverleners. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Bedrijfsnoodoefening Het regelmatig oefenen van een rampenplan is noodzakelijk om de papierenplannen in de praktijk te beoordelen én medewerkers vertrouwd te maken met wat zij wel én niet moeten doen als een calamiteit is uitgebroken. Een goede voorbereiding is in geval van nood veel meer dan het halve werk. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Brandblusmiddelen Brandblusmiddelen zijn geschikt om een beginnende brand snel te doen blussen. Er zijn diverse soorten blussers. Aantal brandblusmiddelen: Per 150 m2 zijn minimaal 2 brandblusapparaten van 6 kg. noodzakelijk. Hang de brandblusmiddelen op bij vluchtwegen en toegangsdeur(en). Afhankelijk van compartimenten in een gebouw, de verdiepingen en de werkzaamheden wordt het aantal verhoogd. Blusmiddelen moeten periodiek worden gecontroleerd. De voorzieningen moeten duidelijk zichtbaar in de organisatie zijn aangebracht. Indien noodzakelijk moet dit worden verduidelijkt door middel van een pictogram. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · EHBO-middelen Verbanddozen moeten zijn samengesteld op basis van kwaliteit, doeltreffendheid, veiligheid en gebruiksvriendelijkheid, kortom afgestemd op de mogelijke calamiteiten. EHBO-middelen moeten periodiek worden gecontroleerd. De voorzieningen moeten duidelijk zichtbaar in de organisatie zijn aangebracht. Indien noodzakelijk moet dit worden verduidelijkt door middel van een pictogram. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Oogdouche In geval van nood moeten de ogen kunnen worden gespoeld met water, bij voorkeur met een -op een doorgaande waterleiding aangesloten oogdouche. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Communicatiemiddelen tijdens calamiteit In geval van ongeval of brand moet snel en efficiënt worden ingegrepen. Bedrijfshulpverleners moeten daarom goed bereikbaar zijn. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Brandmeldinstallatie Indien een brandmeldinstallatie (BMI) noodzakelijk is, dient deze geïnstalleerd te zijn, projectie duidelijk te zijn, dienen eindgebruikers geïnstrueerd te zijn en dient periodiek onderhoud aantoonbaar te zijn in het logboek. Tevens moet periodiek te worden geoefend met de BMI. Tot slot dient de BMI maandelijks getest te worden door een deskundig persoon. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Vluchtwegen/Nooduitgangen Bij brand bestaat de mogelijkheid dat de normale uitgang wordt versperd. In dergelijke gevallen moet een vluchtweg ter beschikking staan, die duidelijk als zodanig moet zijn aangegeven en moet worden vrijgehouden en aangeduid. Een nooduitgang dient binnen 1 handeling en 1 seconde te worden geopend. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Noodverlichting Wanneer de stroom uitvalt, dient de noodverlichting te werken en ervoor te zorgen dat er, ondanks dat de normale verlichting uitstaat, toch voldoende licht aanwezig is om veilig het pand of de ruimte te kunnen verlaten. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Verzamelplaats Een verzamelplaats is een veilige locatie buiten het pand waar personen zich dienen op te houden in geval van ontruiming. De verzamelplaats dient bekend te zijn bij de werknemers en bezoekers/derden. Een bord op de verzamelplaats is niet verplicht, maar zeer herkenbaar ten tijde van nood. | — · | |
| Bedrijfshulpverlening · Toegang hulpdiensten Indien hulpdiensten het pand in moeten, dient hierover te zijn nagedacht. Een correcte toetredingssystematiek dient aanwezig te zijn. | — · | |
| Inrichting arbeidsplaatsen · Sanitaire voorzieningen Tot 10 personen (mannen en vrouwen) kan worden volstaan met één toilet en voor de mannen bovendien nog een urinoir. Het toilet moet goed schoon worden gehouden en voldoende zijn geventileerd. Bij het toilet moet een wasbak aanwezig zijn. Boven 10 personen dienen toiletten aanwezig te zijn voor mannen en vrouwen. | — · | |
| Inrichting arbeidsplaatsen · Was- en doucheruimte Afhankelijk van het soort werk, dient er in veel organisaties een was- en doucheruimte aanwezig te zijn ter bevordering van de hygiëne van zowel de persoon als van de organisatie. | — · | |
| Inrichting arbeidsplaatsen · Kantine/Schaftruimtes In elke organisatie moet een geschikte ruimte zijn, waar de werknemers de pauze door kunnen brengen. Niet-rokers moeten in de schaftruimte beschermd worden tegen hinder van de tabaksrook. | — · | |
| Inrichting arbeidsplaatsen · Orde & netheid, uitglijden, struikelen Orde en netheid maken de organisatie veel veiliger, bijvoorbeeld doordat vluchtwegen, nooduitgangen en brandbestrijdingsmiddelen toegankelijker zijn. Bovendien geeft een ordelijke werkplek een veiliger en prettiger gevoel. Struikelgevaar ontstaat door onordelijke opslag in loopgangen, verspreid liggende dozen, kratten, snoeren, slangen e.d. | — · | |
| Inrichting arbeidsplaatsen · Afval Afval dient, voor zover mogelijk, zo veel mogelijk in verschillende fracties gescheiden te worden, opgeslagen en afgevoerd door een erkende afvalverwerker. Gevaarlijk afval dient te worden opgeslagen zoals in de VIB wordt omschreven. | — · | |
| Inrichting arbeidsplaatsen · Geluid en inrichting arbeidsplaats Schadelijk geluid (>80 dB(A)) kan op den duur leiden tot blijvend gehoorverlies. De hoogte van het geluid en de duur dat men hieraan blootstaat, is hierbij bepalend. Blootstelling aan hinderlijk geluid (> 55 dB(A)) kan leiden tot verstoring van de concentratie, irritatie en een slechte spraakverstaanbaarheid. De werkgever is verplicht voorzieningen te leveren bij >80 dB(A) en verplicht maatregelen te implementeren bij 85 en meer dB(A). | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Gevaarlijke stoffen Blootstelling aan gevaarlijke stoffen kan plaatsvinden via: inademing van dampen, gassen nevels en stof; huid- en slijmvlies blootstelling (veelal handen, onderarmen en gelaat); mond (spijsverteringskanaal); eten en drinken op de werkplek. Om de veiligheid en gezondheid van medewerkers te garanderen is het werken met deze stoffen aan strenge voorschriften en regelgeving gebonden. CMR stoffen dienen te worden vervangen. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Registratie gevaarlijke (chemische) stoffen Indien stoffen worden gebruikt of kunnen vrijkomen die voorzien zijn van een rood-wit gevaren symbool, dan dienen deze in het kader van REACH geregistreerd te worden. De registratie hiervan moet zo vaak als nodig worden geactualiseerd. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Etikettering Volgens de Europese regels voor het werken met gevaarlijke stoffen, REACH, moeten producenten én verkopers weten welke gevaarlijke stoffen er in producten zitten. Een etiket op de verpakking van een gevaarlijke stof geeft de eerste informatie die noodzakelijk is om er veilig mee te kunnen werken. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Veiligheidsinformatiebladen (VIB’s) Een veiligheidsinformatieblad is een gestructureerd document met informatie over de risico's van een gevaarlijke stof of preparaat, en aanbevelingen voor het veilig gebruik ervan op het werk. Deze dient op de werkplek aanwezig te zijn en medewerkers dienen van de inhoud op de hoogte te zijn. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Opslag gevaarlijke stoffen De opslagvoorzieningen voor (verpakte) gevaarlijke stoffen in een organisatie moeten voldoen aan eisen die gepubliceerd zijn in PGS 15 (Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen 15). In PGS 15 zijn de eisen voor brandveiligheid, arbeidsveiligheid en milieuveiligheid samengevoegd. Zorg o.a. dat:: vloeistoffen en poeders gescheiden staan; onder het schap waarop de vloeistoffen staan een lekbak is geplaatst en moeilijk hanteerbare verpakkingen op een hoogte staan waarbij u zich niet hoeft te strekken om het te pakken. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Gevaarlijk stof Stofdeeltjes kunnen gevaarlijk zijn. Denk hierbij aan hout- en/of kwartsstof. Grof stof wordt over het algemeen niet als direct gevaarlijk gezien. Het zit hem in de fijne deeltjes. Bij bepaalde bewerkingen kan dit stof vrijkomen. Dit kan binnendringen in je huid, luchtwegen en/of oren. Redenen van vrijkomen: Machinale bewerkingen van hout, zoals schuren, zagen, frezen, boren en schaven Machinale bewerkingen van steen, zoals zagen en boren. Mogelijke oplossingen zijn: Wijzig de houtsoort. Diverse houtsoorten komt minder stof vrij Maak gebruik van juist gereedschap, cirkelzaag stoft meer dan een decoupeerzaag Werkmethode aanpassen. Afzuiginstallatie bij hout en nat zagen/boren bij steen Nat vegen (machinaal) in plaats van bezemen | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · ATEX De ATEX richtlijn 1999/92/EG (ook bekend als ‘ATEX 153’) beschrijft voor werkgevers de minimum veiligheidseisen om een gezonde en veilige werkomgeving te creëren voor werknemers die door explosieve atmosferen gevaar kunnen lopen. Voor Nederland zijn deze richtlijnen opgenomen in de Arbowetgeving. Voor situaties waarbij het niet mogelijk is om door vervanging van stoffen het explosiegevaar weg te nemen, moeten de omstandigheden worden beheerst. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Biologisch agentia Blootstelling aan bacteriën, virussen, parasieten, gisten en schimmels kan ziekten veroorzaken. infecties; vergiftigingsverschijnselen; allergieën. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Blootstelling kan plaatsvinden op een drietal manieren: via de huid (bijv. contact met planten); via de luchtwegen (bij stofvorming of verneveling van verontreinigd water); opname via de mond (slechte hygiëne) | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Virusuitbraak Ten tijde van een virusuitbraak dienen er maatregelen genomen te worden om te voorkomen dat men besmet raakt met het virus. Het RIVM heeft daarvoor richtlijnen opgesteld. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Asbest In veel gebouwen komen nog asbesthoudende producten voor (bijv. vloerbedekking, riolering, pakkingen of dakplaten). Zolang asbesthoudende materialen niet beschadigd zijn en ze niet bewerkt worden (zagen, boren etc.) veroorzaken ze geen risico’s. Het inademen van asbestvezels kan gevaarlijke ziektes veroorzaken, zoals stoflongen, longkanker en buikvlieskanker. Het feit dat de gezondheidseffecten zich pas na langere tijd (10 tot 30 jaar) openbaren, maakt asbest tot een verraderlijke stof. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Water Stilstaand water is een goed milieu voor het ontstaan van allerlei bacteriën, zoals legionella. Spoel stilstaande leidingen daarom regelmatig door, stel de boiler in op minimaal 60 °C en laat koelsystemen regelmatig schoonmaken. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Dieselmotoremissie (DME) DME bevat gassen en vaste deeltjes (roet). De vaste (ultra)fijnstofdeeltjes bevatten onder andere polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's), die kankerverwekkend zijn. Verwijdering, het gebruik van filters, afzuiging of interne regels zorgt voor een verlaging van DME. | — · | |
| Gevaarlijke stoffen & biologische agentia · Milieu Milieurisico’s dienen zo veel mogelijk te worden vermeden. Is dit niet mogelijk, dient de milieubelasting en -schade zo laag mogelijk te zijn. | — · | |
| Fysieke belasting · Tillen en dragen Zwaar en/of verkeerd tillen kan leiden tot slijtage aan de rug. Rugklachten kunnen ontstaan bij: geregeld zwaarder tillen dan 25 kg zoals zware bakken, jerrycans e.d.; frequent tillen van dozen in ongunstige houding; met gedraaide rug tillen; haastig en gespannen tillend werk verrichten. Werkgevers zijn verplicht om maatregelen te treffen zodat werknemers veilig kunnen tillen en dragen. | — · | |
| Fysieke belasting · Duwen en trekken Zwaar duwen en trekken kan leiden tot rug- en/of schouderklachten. Dit komt onder andere voor bij: verplaatsen van rolcontainers; verplaatsen van volgeladen pallets met palletwagen. Het is daarom belangrijk om te zorgen voor het juiste materiaal en om op een verantwoorde manier te werken. | — · | |
| Fysieke belasting · Fysieke belasting algemeen In geval van fysieke belasting worden de spieren en gewrichten in bijvoorbeeld rug, schouders en armen zo regelmatig gebruikt dat fysieke overbelasting kan ontstaan. Of er is juist sprake van onderbelasting door te weinig bewegen of te lang zitten. Zowel over- als onderbelasting kan leiden tot gezondheidsklachten. Om gezondheidsklachten te voorkomen, heeft de overheid regels opgesteld. Werkgevers en werknemers hebben daarin zelf een verantwoordelijkheid. Bedrijven moeten de risico’s kennen en passende maatregelen treffen. In branches waarin fysieke belasting veel voorkomt, staat in de Arbocatalogus welke afspraken zij hebben gemaakt. | — · | |
| Fysieke belasting · Repeterende bewegingen Onder repeterende handelingen worden handelingen verstaan die zich herhalen binnen 90 seconden. Deze handelingen kunnen een risico met zich meebrengen als zij gedurende minimaal 2 uur per dag of minimaal 1 uur achter elkaar uitgevoerd worden. Zelfs als handeling op zich weinig kracht kost (zoals sorteer- en inpakwerkzaamheden). | — · | |
| Fysieke belasting · Ongunstige/ongezonde werkhoudingen Werkhoudingen die lang moeten worden volgehouden, kunnen leiden tot spier- en gewrichtsklachten. Dit komt o.a. voor bij: geregeld langer dan 1 uur achtereen staan de werktafel; langer dan 2 uur per dag gebogen werken; werkhoogte te hoog of te laag doordat de werkvlakhoogte niet afgestemd is op de lichaamslengte van de medewerkers gedraaide houding bij stapelen en palletiseren. | — · | |
| Fysieke belasting · Statische lichaamshoudingen Statisch belastende werkzaamheden zijn werkzaamheden waarbij je langdurig dezelfde houding moet innemen. Statische lichaamshoudingen kunnen nadelige gevolgen hebben voor de gezondheid van medewerkers. | — · | |
| Fysieke belasting · Staand werk Werknemers die hun werkzaamheden staand verrichten en daarbij weinig lopen, kunnen op den duur gezondheidsklachten krijgen. Mogelijke klachten zijn spataderen, lage rugpijn en pijnlijke gewrichten in de benen. | — · | |
| Fysieke belasting · Zittend werk (sedentair gedrag) Lang zitten verhoogt de kans op: vervroegd overlijden; type 2 diabetes; hart- en vaatziekten; depressies; sommige vormen van kanker; klachten aan het bewegingsapparaat. | — · | |
| Fysieke belasting · Lopen Werkzaamheden waarbij veel gelopen moet worden dienen afgewisseld te worden met voldoende pauzes en zitmomenten. | — · | |
| Fysische factoren · Hand- en armtrillingen De trillingen van veel apparaten werken door op het lichaam, waardoor gezondheidsklachten kunnen ontstaan aan rug, gewrichten en spieren. Hand-armtrillingen treden op bij werkzaamheden met slijpmachines, hogedrukspuit, trilnaalden, etc. | — · | |
| Fysische factoren · Lichaamstrillingen De trillingen van veel apparaten werken door op het lichaam, waardoor gezondheidsklachten kunnen ontstaan aan rug, gewrichten en spieren. Grenswaarde 8 uur 0,5 m/s2 Gemiddelde trillingsbelasting: Bestelauto: 0,6 m/s2 Vrachtauto: 0,8 m/s2 Heftruck: 1,0 m/s2 | — · | |
| Fysische factoren · Verlichting en daglichttoetreding/ uitzicht Werkruimten, waarin langer dan 2 uur gewerkt wordt, moeten voorzien zijn van lichtopeningen waardoor daglicht kan toetreden. De wettelijke eisen voor daglicht toetreding zijn: vloeroppervlak : raam 20 : 1 omtrek werklokaal : breedte lichtopeningen 10 : 1 Voor "normale" werkzaamheden moet de verlichtingssterkte minimaal 200 lux bedragen. Door onvoldoende of slechte verlichting, maar ook verblinding, kunnen extra fouten worden gemaakt. | — · | |
| Fysische factoren · Klimaat Of het klimaat op de werkplek als behaaglijk wordt ervaren is mede afhankelijk van de luchtvochtigheid, luchtsnelheid (tocht), aard van de werkzaamheden en de kleding die iemand draagt. Enkele richtlijnen zijn: 12 – 16 °C voor zwaar werk; 16 – 20 °C voor lichte fabrieksarbeid; 20 – 24 °C voor zittend werk. Werken bij (extreem) hoge temperaturen (> 35 °C) of (extreem) lage temperaturen (< 0 °C) kan afhankelijk van de situatie zelfs schadelijk voor de gezondheid zijn. Een goed klimaat heeft een positieve uitwerking op prestaties, psychosociale arbeidsbelasting en ziekteverzuim. | — · | |
| Fysische factoren · Hoge en lage temperaturen Zowel (te) hoge als (te) lage temperaturen kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid en kunnen tevens de veiligheid in gedrang brengen. Hoge en lage temperaturen dienen daarom zoveel als mogelijk te worden voorkomen. Als dit niet mogelijk is dienen andere passende maatregelen te worden getroffen om medewerkers te beschermen. | — · | |
| Fysische factoren · Luchtverversing Zonder dat je het ziet kan de lucht op het werk van slechte kwaliteit zijn en daarmee voor veel klachten zorgen. Dit kan ook komen door een laag zuurstofgehalte door het ademen van mensen. | — · | |
| Fysische factoren · Luchtvochtigheid Werken in een vochtige omgeving kan leiden tot gezondheidsklachten aan de luchtwegen en huidirritaties veroorzaken. Maar een te lage luchtvochtigheid is ook niet prettig om in te werken. Over het algemeen wordt een relatieve luchtvochtigheid tussen de 30% en 70% als behaaglijk ervaren. | — · | |
| Fysische factoren · Tocht Ventilatie betekent dat lucht in beweging is. Als de beweging van lucht binnenshuis te groot wordt, dan spreken we over hinderlijke tocht. Werkgevers moeten zorgen voor de juiste ventilatie en daarbij proberen tocht zoveel mogelijk te beperken. | — · | |
| Fysische factoren · Geluid Schadelijk geluid (>80 dB(A)) kan op den duur leiden tot blijvend gehoorverlies. De hoogte van het geluid en de duur dat men hieraan blootstaat, is hierbij bepalend. Blootstelling aan hinderlijk geluid (> 55 dB(A)) kan leiden tot verstoring van de concentratie, irritatie en een slechte spraakverstaanbaarheid. De werkgever is verplicht voorzieningen te leveren bij >80 dB(A) en verplicht maatregelen te implementeren bij 85 en meer dB(A). | — · | |
| Fysische factoren · Ioniserende straling Blootstelling aan een te hoge dosis ioniserende straling kan tot ernstige gezondheidsschade leiden. Denk aan röntgenstraling, gammastraling of radioactieve straling. | — · | |
| Fysische factoren · Niet-ioniserende straling Voorbeelden niet-ioniserende straling zijn Uv-straling, laser, infrarood, elektromagnetische straling. Voor het werken met straling geldt daarom een aantal strikte regels. Arbobesluit, artikel 6.12 AI 19 Laboratoria AI 27 Ioniserende straling AI 39 Elektromagnetische velden | — · | |
| Beeldschermwerk · Beeldschermopstelling De NEN-EN-ISO 9241 beschrijft o.a. de eisen aan beeldscherm-opstellingen. Een goede beeldschermopstelling kan helpen klachten te voorkomen. Stel beeldschermen daarom haaks op het raam op, op een kijkafstand van minimaal 50 cm op ooghoogte of net iets daaronder en recht voor de gebruiker. | — · | |
| Beeldschermwerk · Beeldschermwerktijd Langdurig (meer dan 5 á 6 uur per dag) werken achter een beeldscherm kan gezondheidsklachten aan armen, nek en schouders opleveren. Ook oogklachten komen vaak voor. Bovendien gaat computerwerk vaak gepaard met langdurig zitten, wat het risico op gezondheidsproblemen met zich mee brengt (zie zittend werk). Tenslotte kan intensief werken met de computer leiden tot stressklachten. Aanbevolen wordt om minimaal 10 minuten per 2 uur iets anders te doen. | — · | |
| Beeldschermwerk · Laptop, tablet en smartphones Het toenemende gebruik van laptops, tablets en smartphones zorgt voor een stijging van het aantal klachten. Steeds vaker geven bedrijven hun medewerkers een laptop in plaats van een vaste computer. Laptops zijn echter gebouwd op gemakkelijk vervoer maar niet voor langdurig gebruik. Langdurig gebruik (meer dan 2 uur per dag) van een laptop wordt afgeraden. | — · | |
| Beeldschermwerk · Bureautafels Een goede bureautafel voldoet minimaal aan de eisen uit de EN 527-1, 527-2 en 527-3: voldoende breed en voldoende diep (min. 120 cm bij 80 cm); in hoogte instelbaar; voorzien van een licht getint niet spiegelend bovenblad. | — · | |
| Beeldschermwerk · Bureaustoelen Goede bureaustoelen voldoen minimaal aan de eisen van NEN-EN1335 incl. NPR-1813: Breedte tussen de armsteunen 36-51 cm Zitting hoogte 40-55 cm Zitdiepte 38-48 cm Minimum verstelbereik zitting 10 cm Lengte van rugleuning 37 cm Minimum hoogte bereik armsteunen 20-30 cm | — · | |
| Beeldschermwerk · Hulpmiddelen/accessoires Omdat het niet altijd mogelijk is een ideale beeldschermopstelling te creëren kan het nodig zijn dat gebruik gemaakt moet worden van hulpmiddelen, zoals documenthouders, polssteunen, zwenkarmen, voetensteunen, etc. | — · | |
| Beeldschermwerk · Zon- en daglichtwering Om hinderlijke spiegelingen te voorkomen is het belangrijk dat ruimtes met beeldschermwerkplekken voorzien zijn van zonwering en daglicht-/helderheidwering (bijv. lamellen tegen een heldere hemel). Zonwering en helderheidwering hebben daarnaast een positief effect op het binnenklimaat. | — · | |
| Beeldschermwerk · Werkdruk Uit onderzoeken blijkt dat een hoge werkdruk in combinatie met een hoog werktempo een sterke samenhang vertoont met het ontstaan van gezondheidsklachten door beeldschermwerk. Zelfs een relatief korte periode met een hoge werkdruk kan klachten veroorzaken. | — · | |
| Arbeidsmiddelen · CE-markering De CE-markering die op veel producten te vinden is geeft aan dat het product voldoet aan de daarvoor geldende regels binnen de Europese Economische Ruimte (EER: de Europese Unie plus Zwitserland, Liechtenstein, Noorwegen en IJsland). CE staat hierbij voor Conformité Européenne, wat zoveel betekent als in overeenstemming met de Europese regelgeving. | — · | |
| Arbeidsmiddelen · Onderhoud en keuring van arbeidsmiddelen Arbeidsmiddelen moeten worden onderhouden, opdat ze altijd in een goede staat verkeren. Daarbij moet altijd aan de oorspronkelijke eisen van vervaardiging zijn voldaan. Veelal is in de gebruiksaanwijzing van de fabrikant van het arbeidsmiddel informatie gegeven over het onderhoud. Voor sommige arbeidsmiddelen geldt naast een onderhoudsplicht ook een aanvullende keuringsverplichting. | — · | |
| Arbeidsmiddelen · Bevoegdheid gebruik arbeidsmiddelen Voor arbeidsmiddelen geldt dat deze uitsluitend gebruikt mogen worden door bevoegde personen. Kennis en ervaring is een vereiste als het gaat om veilig gebruik van arbeidsmiddelen. | — · | |
| Arbeidsmiddelen · Beveiligingen, veiligheidsvoorzieningen, noodstop en nulspanningsbeveiliging Risico’s die niet door bronaanpak kunnen worden aangepakt worden gereduceerd door toepassing van de juiste beveiligingsvoorzieningen. Voorbeelden van beveiligingen zijn vaste of wegneembare afschermingen, valbeveiliging, lichtschermen of een twee-handenbediening. Aanvullende veiligheidsmaatregelen horen onder dit deel van de arbeidshygiënische strategie. Voorbeelden hiervan zijn noodstopvoorzieningen, voorzieningen voor redding van ingesloten personen, transportvoorzieningen en toegangsmiddelen. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Werken met klanten Tijdens het werk zijn er veel klantcontacten. Hierbij kan het gedrag van hen als ongewenst worden ervaren. In de organisatie moet beleid zijn om hiermee om te gaan. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Overvallen Er zijn mogelijkheden tot een overval bij alle bedrijven. Bij winkels en restaurants is deze kans hoger. De organisatie dient te zijn voorbereid op het risico van overvallen. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Omgaan met geld Bij het afrekenen kunnen handelingen plaatsvinden met contant geld. Uit het oogpunt van sociale veiligheid van medewerkers en bezoekers is het belangrijk dat handelingen met contant geld veilig zijn. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Veilig omgaan met keukenapparatuur Hier gaat het om de veiligheid van bijvoorbeeld snijmachines, spoelkeukens, koel- en vriesinstallaties, frituurapparatuur, planeetmengers en dergelijke. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Koolzuurhoudende flessen In de horeca blijft het werk met gevaarlijke stoffen beperkt tot vaatwasmiddel, schoonmaakmiddelen voor interieur en vloer en ovenreiniger. Om biertapinstallaties of installaties voor andere koolzuurhoudende dranken als cola te kunnen gebruiken, zijn soms gasflessen met koolzuur nodig. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Voedselveiligheid Volgens de Warenwet dient ieder Horecabedrijf te voldoen aan de regels uit de “Hygiënecode voor de Horeca”. Vanaf april 2016 geldt de Hygiënecode voor de Horeca 2016. Deze hygiënecode is door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) goedgekeurd. Door te werken volgens de hygiënecode voldoet men de wettelijke voorschriften van voedselveiligheid. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Persoonlijke beschermingsmiddelen in de keuken In de keuken zijn PBM verplicht. Deels doordat de medewerker risico’s kan hebben, deels voor de voedselveiligheid van de klant | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Koel- en vriesinstallaties (cellen) Koel- en vriesinstallaties dienen regelmatig onderhouden en gekeurd te worden. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Terras Het kan voorkomen dat restaurants met een terras ook bedienen op het terras. Hierbij kan een medewerker obstakels of een weg tegenkomen. Hier dient rekening mee te worden gehouden. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Tuinen Indien een tuin ter beschikking wordt gesteld, is het noodzakelijk dat deze veilig is. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Laden en lossen Laden en lossen brengt gevaren met zich mee en daarom dient laden en lossen op een veilige wijze plaats te vinden. De gebruikte hulpmiddelen dienen gekeurd en onderhouden te zijn en de gebruikers hiervan dienen voorgelicht en opgeleid te zijn. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Afval en restanten (vuilnis) Door het veilig opslaan en afvoeren van afval en restanten wordt het risico op blootstelling aan biologische agentia geminimaliseerd. Gesloten vuilnisbakken zijn verplicht in keukens om de voedselveiligheid op orde te houden, het voorkomt tevens overvolle vuilnisbakken en hiervoor val- of uitglijdgevaar. Er mag geen los afval in en rond het pand zwerven, buiten ook niet in vuilniszakken. Dit kan ongedierte aantrekken. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Ongediertebestrijding Het bestrijden van ongedierte dient omwille van de medewerkers en het milieu zo milieuvriendelijk en veilig mogelijk worden uitgevoerd | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Alleen werken Alleen werken is niet toegestaan voor: Medewerkers onder de achttien jaar. Werknemers met gezondheidsrisico’s of die medicijnen gebruiken. Onvoldoende opgeleide medewerkers of medewerkers die pas in dienst zijn. Werknemers moeten altijd toestemming krijgen van hun leidinggevende om alleen te mogen werken. Ook is het belangrijk dat de medewerker de gevaren kent van het werk en de leidinggevende laat weten waar hij is. Indien bij alleen werken aanzienlijke risico’s zijn tot een incident (en dus hulp van collega’s/derden) dienen maatregelen genomen te worden. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Slijpwerkzaamheden & slijpschijven Het gebruik van slijpschijven brengt risico’s met zich mee. Men moet zeker stellen dat de juiste slijpschijven worden gebruikt voor het uit te voeren werk. Doorslijp- en afbraamschijven hebben ook een maximale houdbaarheidsdatum. Na deze datum mag de schijf niet meer gebruikt worden. Dit heeft te maken de binding van de slijpschijf. Het slijpmateriaal wordt door een bindmiddel bij elkaar gehouden. In de loop van de tijd veroudert het bindmiddel en dit zorgt ervoor dat de slijpschijf zachter wordt. Na de houdbaarheidsdatum is het risico op uiteenspatten of afbrokkelen groter. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Werken op ladders en trappen Werken op ladders en trappen brengt grote risico’s met zich mee. Het werken op ladders en trappen is uitsluitend toegestaan indien er geen ander veiliger middel beschikbaar is en als is voldaan aan strenge veiligheidseisen. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Werken in besloten ruimtes Besloten ruimtes zijn ruimtes die onder normale omstandigheden van de omgeving zijn afgesloten. Omdat besloten ruimtes vaak slecht geventileerd worden, bestaat bij het betreden van de ruimte gevaar voor vergiftiging, voor explosies of om te stikken door een zuurstoftekort. Tevens is in veel gevallen het redden van slachtoffers zeer lastig. | — · | |
| Specifieke werkzaamheden · Indeling pand Door het indelen van het pand kunnen aanvullende risico’s ontstaan. | — · | |
| Voorzieningen · Elektrische installatie Elektrische installaties moeten periodiek gekeurd worden. In veel gevallen stelt de verzekeraar aanvullende eisen. Er dienen schema’s aanwezig te zijn van de elektrische voorzieningen en een SCIOS Scope 10 inspectie(- certificaat) | — · | |
| Voorzieningen · Zonnepanelen Indien zonnepanelen aanwezig zijn, is een mogelijkheid aanwezig dat brandrisico verhoogt. In veel gevallen stelt de verzekeraar aanvullende eisen. Een SCIOS scope 12: Inspectie van zonnestroominstallaties is een maatregel waarbij een Eerste inspectie (EBI) wordt uitgevoerd om deze risico’s te herkennen en evt. te mitigeren. Een opvolgend periodieke inspecties (PI) is hierop een logische stap. | — · | |
| Voorzieningen · Laadpalen Laadpalen voor elektrische voertuigen moeten voldoen aan de NEN1010 norm. Daarnaast gelden nog diverse aanvullende regels voor het veilig gebruik van de laadpalen. | — · | |
| Voorzieningen · Vide Vallen van hoogte kan voorkomen bij werkzaamheden op niet afgezette zolders, vides etc. Valgevaar moet worden voorkomen door het plaatsen van hekken en leuningen met knieleuning. Een kantplank is eveneens noodzakelijk. Na het tijdelijk openen van een transportopening dient deze zo snel mogelijk gesloten te worden. | — · | |
| Voorzieningen · Nieuwbouw, verbouw en herinrichting Nieuwbouw, verbouw of aanschaf van nieuwe apparatuur of machines zijn momenten die bij uitstek geschikt om de kwaliteit van de arbeidsomstandigheden te beïnvloeden. Door systematische aandacht voor arbeidsomstandigheden in de ontwerp- of aanschaffase kunnen vaak kostbare verbeteringen of veranderingen achteraf worden voorkomen. | — · | |
| Persoonlijke beschermingsmiddelen · Gebruik Persoonlijke Beschermingsmiddelen De wet, besluiten, regels en beleid zorgen voor een verplichting van het dragen van PBM. De medewerkers is verantwoordelijk deze PBM te dragen, de werkgever dient toe te zien om het correct en tijdig gebruik. | — · | |
| Persoonlijke beschermingsmiddelen · Persoonlijke beschermingsmiddelen bij werken met gevaarlijke stoffen Het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen moet gezien worden als een tijdelijke oplossing. Zolang er geen betere blijvende oplossingen zijn is het belangrijk dat men zich goed beschermt tegen gevaarlijke stoffen. | — · | |
| Veiligheidssignalering · Veiligheidssignalering Veiligheidsborden moeten in één oogopslag duidelijk maken welk gevaar dreigt, wat verboden is of juist verplicht. De eisen voor veiligheids-signalering zijn vastgelegd in Europese normen. Veiligheids-signalering kan levens redden door te waarschuwen in gevaarlijke en ongezonde situaties. Het kan bijvoorbeeld een vluchtroute aangeven bij brand of andere calamiteiten of een afzetting waar niet mag worden gelopen. | — · | |
| Werk- & rusttijden · Werk- en rusttijden | — · |
Het interne bronbestand 27. Voorbeeld Risico Inventaristatie Evaluatie.docx wordt alleen als historische referentie gebruikt en blijft afgeschermd. Online vorm: begeleide RI&E met plan van aanpak. Gewenste exportformaten: PDF, print, CSV.
Dit hulpmiddel is informatief en vervangt geen juridisch, fiscaal, arbotechnisch of financieel maatwerkadvies.